Engelse voorzetsels
Voorzetsels kun je onderverdelen in voorzetsels van tijd, van plaats en van beweging. Op deze pagina geven we van alle drie de soorten de meest voorkomende. Bij de voorzetsels die nogal eens voor verwarring zorgen geven we extra uitleg.
Prepositions of time - voorzetsels van tijd
om drie uur
rond drie uur
tegen drie uur
op maandag
voor zaterdag
voor een week
vanaf juni
sinds 2005
gedurende de zomer
tot vanavond
van 9.00 tot 17.00 uur
na drie jaar
rond drie uur
tegen drie uur
op maandag
voor zaterdag
voor een week
vanaf juni
sinds 2005
gedurende de zomer
tot vanavond
van 9.00 tot 17.00 uur
na drie jaar
at three o'clock
around three o'clock
by three o'clock
on Monday
before Saturday
for a week
from June
since 2005
during summer
until / till tonight
from 9 to 5
after three years
Prepositions of place - voorzetsels van plaats
boven de bank
onder het schilderij
over de stoel
onder de tafel
onder de mensen
tussen de auto's
naast de deur
naast de ingang
voor het museum
achter zijn baas
met zijn meisje
in het midden van de show
op straat
in de klas
op school
onder het schilderij
over de stoel
onder de tafel
onder de mensen
tussen de auto's
naast de deur
naast de ingang
voor het museum
achter zijn baas
met zijn meisje
in het midden van de show
op straat
in de klas
op school
above the setee
below the painting
over the chair
under the table
among people
between the cars
beside the door
next to the entrance
in front of the museum
behind his boss
with his girl
in the middle of the show
on the street
in the classroom
at school
Prepositions of action- voorzetsels van beweging
praten tegen
langs lopen
komen van
inlopen
rijden op
stappen op
uitschakelen
uit iets stappen
langs lopen
komen van
inlopen
rijden op
stappen op
uitschakelen
uit iets stappen
talk at
walk by
come from
walk into
drive on
step onto
switch off
step out of
At - On - In
Deze voorzetsels gebruik je bij tijd en plaats.
[1] Tijd
AT gebruik je bij specifieke tijden:
- om 4 uur
- om 12.15 uur
- in het weekend
ON gebruik je bij dagen en data:
- op maandagen
- op 25 december
- in een weekend
IN gebruik je gedurende periodes:
- in de ochtend
- in juni
- in 2006
(maar niet in the weekend)
[2] Plaats
AT gebruik je bij huisnummers en gebouwen:
- op nummer 14
- op school
- op het vliegveld
ON gebruik je bij wegen en oppervlaktes:
- in de Rivierstraat
- op de snelweg
- op de grond
- op het dak
IN gebruik je bij steden, provincies, landen, continenten en in ruimtes:
- in Amsterdam
- in Noord-Holland
- in Schotland
- in Zuid-Amerika
- in een doos
- in school
- in mijn hoofd
[1] Tijd
AT gebruik je bij specifieke tijden:
- om 4 uur
- om 12.15 uur
- in het weekend
ON gebruik je bij dagen en data:
- op maandagen
- op 25 december
- in een weekend
IN gebruik je gedurende periodes:
- in de ochtend
- in juni
- in 2006
(maar niet in the weekend)
[2] Plaats
AT gebruik je bij huisnummers en gebouwen:
- op nummer 14
- op school
- op het vliegveld
ON gebruik je bij wegen en oppervlaktes:
- in de Rivierstraat
- op de snelweg
- op de grond
- op het dak
IN gebruik je bij steden, provincies, landen, continenten en in ruimtes:
- in Amsterdam
- in Noord-Holland
- in Schotland
- in Zuid-Amerika
- in een doos
- in school
- in mijn hoofd
at 4 o'clock
at 12.15
at the weekend (UK)
on Mondays
on the 25th of December
on a weekend (USA)
in the morning
in June
in 2006
at number 14
at school
at the airport
on River Street
on the motorway
on the ground
on the roof
in Amsterdam
in North-Holland
in Scotland
in South-America
in a box
in school
in my head




